Een pluisbloem op de muur…

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

De wens was licht, rust, ruimte & warmte… en een pluisbloem op de wand. Door het wit van de meubelen te combineren met het prachtige Archive van Farrow & Ball (kleur op de wanden) ontstaat een licht en gezellig huis, waarin geleefd én gewerkt kan worden.

Doordat de meubelen op het terras passen bij de meubelen in de woonkamer gaan binnen en buiten in elkaar over. Dat schept ruimte.

Klik hier om het fotobehang online te bestellen.

Advertenties

Geel in huis…

» Inspiratie voor verfkleuren opdoen | energieke gele kleuren in huis.

Als je me volgt op Twitter, dan weet je het inmiddels al wel. Geel is geen verstandige kleur voor in de babykamer. Hier kun je lezen waarom. Maar dat wil niet zeggen dat geel geen goede kleur is voor in je interieur. Op de site www.kleurinspiratie.nl kun je heel veel – de naam zegt ’t al – kleurinspiratie op doen.

Heel handig is, dat je een foto van je interieur kunt uploaden om verschillende kleurstellingen uit te proberen. Zo kun je flink experimenteren, zonder een kwast in je hand te houden. Veel plezier!

Hoe maak je zelf een goed kleurenplan, stap 4…

Kort samengevat ging stap 1 over het analyseren en vastleggen van de bestaande situatie. Stap 2 ging over de gewenste toekomstige situatie. Nog niet concreet, maar qua gevoel.

In stap 3 heb ik je uitgelegd hoe je met behulp van de kleurencirkel kunt bepalen met welke kleurencombinaties je het gewenste effect in je interieur kunt bereiken. In stap 4 maken we het af. Deze stap gaat kort over associatie, de fysieke gesteldheid van je huisgenoten of jezelf waarmee je in je kleurenplan rekening moet houden en over het maken van een definitief plan.

Associatie is een verschijnsel waar je bij het maken van een kleurenplan rekening mee moet houden. Als je verstandig bent verdiep je je in kleur en associaties. Al is het maar door even op Wikipedia te kijken. Er zijn ook prachtige boeken over geschreven. Heel makkelijk leesbaar en met prachtige foto’s voor de nodige kleurinspiratie. Mijn favoriete boeken zijn: Kleur ben je zelf van Lya Vros & Caroline Houthuyse en 100% kleur van VT Wonen.

Ook is het van belang om rekening te houden met de fysieke gesteldheid van de bewoners. Heb je kinderen met ADHD, dan is het onverstandig om voor veel rood te kiezen, en is het zowiezo onverstandig om voor felle kleuren te kiezen. Heb je veel last van hoofdpijn, dan is wit in een zonnige kamer niet comfortabel. Ben je kouwelijk aangelegd, dan zul je niet blij zijn in een blauwe ruimte. En ben je een baby, dan is de kans dat je veel huilt het grootst in een gele kamer (!).

De meeste mensen weten het wel, maar toch noem ik nog even een aantal basisprincipes: een ruimte lijkt lager als het plafond donker of fel gekleurd is – een ruimte lijkt smaller als een wand donker of fel gekleurd is – een lange smalle ruimte lijkt breder en minder lang als je de kopse kant een felle kleur geeft. Er zijn zo nog een heleboel van dit soort principes. Je vindt mooie voorbeelden op de site van Histor.

Rekening houdend met all of the above kun je nu toch echt aan het definitieve plan gaan werken. Maak een plattegrond van de ruimtes die je wilt gaan schilderen, en kopieer deze plattegrond een aantal keer. Teken met kleurpotlood of stift de gewenste kleuren in de plattegrond. Teken ook de kleuren van de meubelen en vloerkleden in de plattegrond. Je hoeft echt niet alle meubels na te tekenen. Kleurvlekken geven voldoende informatie.

Omdat je een aantal blanco plattegronden hebt kun je dit een aantal keer herhalen, waarbij je telkens kleine veranderingen ten opzichte van eerdere tekeningen maakt.

Probeer je niet alleen voor te stellen hoe de kleuren er in de ruimte uit zien. Probeer ook te bedenken hoe het er bijvoorbeeld vanuit de gang uit ziet. Als de wanden tegenover de ingang van de kamers een kleur krijgen wordt het een kleurrijk gezicht vanuit de gang. Dat kan heel leuk zijn, maar het is goed om je het vooraf te realiseren.

Wil je rust en eenheid vanuit de gang, dan is het beter om de wand waarin de deur is geplaatst op kleur te brengen. Zo blijft de gekleurde wand een verrassing, totdat je de ruimte binnen bent.

Het leuke met kleur is dat (zolang je woning niet te koop staat) je alles kunt doen wat je wilt. Met kleur voeg je persoonlijkheid en eigenheid toe aan je interieur.

Kom je er niet uit? Dan ben je bij mij natuurlijk aan het goede adres. Je kunt deelnemen aan een workshop (kijk in de Agenda voor de diverse data), maar je kunt ook een afspraak maken voor advies bij je thuis of op je werk. Maak een afspraak via nancy@kleurkleur.nl of reageer op dit blog.

PS: De foto komt van Histor.

Hoe maak je zelf een goed kleurenplan, stap 3…

Kort samengevat ging stap 1 over het analyseren en vastleggen van de bestaande situatie. Stap 2 ging over de gewenste toekomstige situatie. Nog niet concreet, maar qua gevoel.

In stap 3 ga ik je iets vertellen over de kleurencirkel van Johannes Itten. Wees niet bang, ik zal je niet vermoeien met een ellenlang verhaal (nouja, misschien toch een beetje). Maar zonder theorie kun je geen goed kleurenplan maken.

kleurencirkel van Johannes Itten

In de kleurencirkel van Johannes Itten kun je heel goed zien wat kleuren doen ten opzichte van elkaar. Geven ze rust of spanning. Vullen ze elkaar aan of geven ze contrast. Als kleurspecialist kan ik deze cirkel wel dromen, maar toch gebruik ik ‘m heel vaak. Soms omdat ik niet weet waar ik moet beginnen, meestal om mijn klanten uit te leggen waarom ik een bepaalde combinatie adviseer.

Even heel kort wat je al geleerd hebt op de kleuterschool. Er zijn drie primaire kleuren – rood, blauw en geel. Die kleuren zijn primair omdat ze niet ontstaan door het mengen van kleuren. In de cirkel vormen ze het driehoekje in het hart. Heel veel kleurspecialisten werken overigens met een ander systeem, namelijk vier primaire kleuren. In die leer geldt groen als een primaire kleur. Dit omdat onze ogen receptoren hebben voor licht & donker, geel & blauw, en rood & groen. Dit is echter voor veel mensen zo omschakelen, dat we het voor nu laten bij het klassieke denken zoals het wordt onderwezen.. drie primaire kleuren.

Pas primaire kleuren in je interieur voorzichtig toe. Ze zijn vooral geschikt als accentkleuren. Te veel leidt ertoe dat je huis eruit gaat zien als een kinderdagverblijf. Ook in de natuur zie je primaire kleuren alleen als accenten toegepast. Bloeiende bloemen, bessen, insecten, slangen.. Je moet er niet aan denken dat het gras rood zou zijn..

Dan zijn er de secundaire kleuren. Die ontstaan door het mengen van twee primaire kleuren – paars, oranje en groen. En de tertiaire kleuren die ontstaan door het mengen van een primaire met een secundaire kleur. Dit is allemaal nog niet zo boeiend, maar je moet het toch weten.

(split-) complementaire kleuren

Interessant wordt het als je het gaat hebben over de invloed van kleuren op elkaar. Kleuren die recht tegenover elkaar in de cirkel liggen worden complementair genoemd. Ze vormen het grootst mogelijke contrast als ze bij elkaar gebruikt worden. Hierbij hoeven ze niet eens recht tegenover elkaar te liggen in de cirkel. Bijna recht is ook al goed voor flink wat contrast (dit wordt split-complementair genoemd, zie de afbeelding hierboven).

De slager legt peterselie op de rosbief en de biefstuk. Het groen van het kruid laat het vlees extra rood lijken. Heb je dus een rode bank, en wil je dat deze bank wat minder rood lijkt, dan los je dit niet op door er groene kussens in te leggen.. sterker nog, de bank zal extra rood lijken!

analoge kleuren

Kies je kleuren die dicht bij elkaar liggen in de kleurencirkel, dan kies je voor een analoog kleurenschema. De eerder genoemde rode bank zal minder rood lijken als je er oranje kussens in legt, dan met groene kussens. Wil je het rood echt wat dempen, dan zullen zand- en kiezelkleuren het meeste voor je doen.

monochromatische of ton-sur-ton kleuren

Wat in onze interieurs het meeste voorkomt is het monochromatische kleurenschema. Ofwel, ton-sur-ton. Een tijdje geleden zag je overal zand- en koffie-verkeerdkleuren. Nu zijn de kiezelkleuren goed vertegenwoordigd op beurzen en in winkels. Voordeel van deze kleurencombinaties is dat ze heel rustig zijn en goed mengen met accentkleuren. Nadeel is dat het erg saai kan worden.

In de afbeelding helemaal boven aan dit verhaal zie je een monochromatisch kleurenschema, met heel subtiel wat rood en blauw. Door deze kleuren toe te voegen wordt het beeld niet saai. Dit is natuurlijk heel makkelijk thuis toe te passen. Bloemen, kaarsen, kussens, een kleed op de grond met wat kleur.. Je verandert je interieur met een paar accessoires compleet.

Hoe gebruik je nu de kleurencirkel in je eigen interieur? Heel simpel. In stap 2 heb je uitgezocht wat je wilt, nog niet concreet maar qua gevoel. Nu kun je dat, met de opgedane kennis over kleur concreter gaan maken. Wil je meer rust, kies dan de kleuren van je interieur ton-sur-ton. Zo krijg je vanzelf meer rust en ruimte in je interieur. Vind je de huidige situatie een beetje saai? Dan past het analoge kleurenschema meer bij je. Voeg bijvoorbeeld aan een interieur met blauw als accentkleur een beetje groen toe, en er ontstaat een veel spannender geheel.

Wil je echt knallen, dan kun je kiezen voor (split-)complementaire kleuren. Kijk hier wel mee uit. Je interieur gaat er al heel snel bont en rommelig uitzien. Ik werk zelf het liefst alleen in details met complementaire kleuren. Bijvoorbeeld een geel of oranje stiksel in een blauw kussen. Of een groene plant naast een rode bank.

Nu je meer weet over kleur kun je een kleurenschema gaan maken. Er zijn twee websites die je kunnen helpen en inspireren. Histor heeft een super site en ook met de Color Scheme Designer kun je een heel mooi kleurenplan maken.

Houd er rekening mee dat kleuren altijd veel heftiger over komen op een wand, dan op een klein kleurstaaltje. Het is niet onverstandig om eerst een proefstukje te schilderen. Doe dit op een onopvallende plek, of op een hardboard plaat. Voordeel van een losse plaat is dat je op verschillende wanden kunt kijken wat het effect is.

Licht heeft heel veel invloed op kleur. Het kan zijn dat een kleur in de ene kamer prachtig is, en in de andere kamer juist helemaal niet. Bekijk de kleuren dus in de ruimte waarin je ze toe wilt passen. En houd de stalen of de losse plaat tegen de wand. Je kunt kleuren niet beoordelen vanaf de keukentafel.

Mooie boeken om inspiratie op te doen op het gebied van kleur zijn: Wonen in wit van Atlanta Bartlett (voor liefhebbers van neutrale kleuren), Mijn huis! van Marijke Schipper en Woon met lef van Marie-Gon Vos (voor liefhebbers van fellere kleuren).

Kom je er niet uit? Dan ben je bij mij natuurlijk aan het goede adres. Je kunt deelnemen aan een workshop (kijk in de Agenda voor de diverse data), maar je kunt ook een afspraak maken voor advies bij je thuis of op je werk. Maak een afspraak via nancy@kleurkleur.nl of reageer op dit blog.

PS: De foto komt weer van het Perscentrum Wonen. Styling en fotografie: Sunna en Marc van Praag.

Hoe maak je zelf een goed kleurenplan, stap 2…

Kort samengevat ging stap 1 over het analyseren en vastleggen van de bestaande situatie. Als je er eens goed voor gaat zitten zie je vaak wel waar de pijnpunten liggen. Zo kan het zijn dat er een aantal zaken je interieur ingeslopen zijn, die je eigenlijk storen. Die vaas die je geërfd hebt en die eigenlijk niet past bij de gordijnen, de knutselwerkjes van de kinderen die verspreid door de ruimte staan, de kussens die op de bank liggen en die eigenlijk aan vervanging toe zijn.. ga zo maar door.

In stap 2 denk je na over wat je wilt. Vind je je huidige interieur te rommelig? Voelt je huis nooit echt lekker opgeruimd, ook al heb je je best gedaan? Dan kun je met een uitgebalanceerd kleurenplan heel veel rust brengen. Mist je huis persoonlijkheid, of vind je je huis saai en uit de tijd? Ook dan kun je met kleur heel veel bereiken. Vind je het lastig een compromis te vinden tussen je eigen smaak en de smaak van je partner? Kleur kan een brug vormen tussen jullie smaken, zodat jullie allebei tevreden zijn met het resultaat.

Om zo’n uitgebalanceerd kleurenplan te kunnen maken heb je wat basiskennis nodig. Daar kom ik later op terug in stap 3. Voor nu is het voldoende als je zo ongeveer weet wat je wilt. Rust & ruimte, stads & hip, landelijk & romantisch, ruig & rustiek.. verzin er maar woorden voor. Of nog beter.. maak een moodboard. Weet je niet wat dat is? Lees dan mijn eerdere blogs over de workshop ‘Vind je eigen woonsmaak’. Je kunt natuurlijk ook deelnemen aan de workshop. Je kunt je heel simpel inschrijven door te reageren (druk op reply en vul het reactieformulier in).

Natuurlijk is het niet zo dat eerder genoemde vaas dan maar in de kliko moet, samen met de kinderknutsels en de kussens. Maar misschien is er wel een betere plek voor vaas en knutselwerkjes. Of misschien kun je wel nieuwe hoezen voor de kussens kopen, waarin de kleuren van de gordijnen en de vaas beiden terugkomen. Of kun je met en kleur op een wand eenheid creëren. Kortom, zoek uit wat je stoort en los het direct op of schrijf ’t op zodat je weet wat je op wilt lossen.

Voor de knutsels zijn heel eenvoudige oplossingen te bedenken. Wat je ook bedenkt.. een vaste plek reserveren in huis is de snelste manier om het gevoel dat je huis overspoelt wordt door kinderkunst kwijt te raken. Hang bijvoorbeeld een groot prikbord in de keuken of in het toilet. Of één grote schilderijlijst in de hal. Of juist meerdere lijsten van verschillende formaten.

Natuurlijk is een kaal prikbord niet echt een aanwinst voor je interieur. Maar als je een mooie lap stof om het prikbord spant wordt het al een heel ander verhaal. Je kunt het prikbord ook schilderen in de kleur van de wand, of juist een contrastkleur.

Mijn kinderen zijn alle drie dol op tekenen en knutselen. Een wand in de keuken is gereserveerd voor alle tekeningen, gedichten, verhalen en knutselwerken. Zo allemaal bij elkaar is het een hele expositie. Vrienden en familie gaan altijd even kijken en zo kunnen de kinderen nog eens trots vertellen over wat ze gemaakt hebben. Iedereen blij..

PS: de foto komt van Perscentrum Wonen en is gemaakt door Dennis Brandsma.

Hoe maak je zelf een goed kleurenplan, stap 1…

Kleuren in je interieur zijn ontzettend bepalend voor hoe je je voelt. Is je woonomgeving kleurrijk dan kun je daar heel vrolijk van worden. Maar als je een baan en kinderen combineert en daarnaast ook nog een sociaal leven en een hobby of een strak lijf wilt hebben, dan kunnen bonte kleuren in huis je het gevoel geven dat de muren op je af komen. Aan de andere kant kan een neutraal interieur ook heel saai en futloos worden. En saai en futloos.. wie wil dat?

Hoe vind je nu een goede balans. Daar is heel veel over te zeggen en ook heel veel over geschreven. In de bibliotheek zijn rijen boeken te vinden die zijn volgeschreven met allerlei theorieën over kleur en kleurencombinaties, en hoe die toe te passen in huis. Ik lees die boeken voor m’n plezier, maar ik kan me goed voorstellen dat niet iedereen daar zin in heeft.

Daarom besteed ik deze maand extra veel aandacht aan kleur in huis, en hoe nu zelf in een aantal stappen een goed kleurenplan is te maken. Natuurlijk beginnen we met stap 1.

Stap 1 bestaat uit rondkijken in je eigen woonomgeving. Wat bevalt je wel en wat bevalt je niet. Is het licht in huis, of vind je het te donker? Is er een kleur die veel terug komt, misschien in verschillende tinten (bijvoorbeeld zand, beige en bruin). Neem de tijd en schrijf op wat je ziet. Je zult merken dat je met ‘vreemde ogen’ naar je eigen huis gaat kijken als je zo gaat analyseren wat je ziet.

Na een paar jaar kijk je niet meer echt naar je huis. Dit is een soort ‘bewonersblindheid’. Neem je afstand, dan zie je waarschijnlijk een aantal dingen zien die je niet bevallen. Deze dingen kun je misschien wel meteen aanpakken. Zo niet, schrijf ze op, zodat je ze na een tijdje niet weer vergeten bent.

Schrijf op welke kleuren je ziet. Doe dit heel precies voor de volgende onderdelen van je interieur: de basis (vloer, wanden, plafond, houtwerk, gordijnen), de meubelen (bank, tafel, stoelen, kasten), de lampen en de accessoires (kussens, kaarsen, kleden, dekens).

Je kunt bij een verfwinkel of bouwmarkt vaak wel even een kleurenwaaier lenen. Dit is bij het uitwerken van een kleurenplan heel handig. Met de kleurnummers kun je kleine staaltjes krijgen bij dezelfde verfwinkel of bouwmarkt. Zo kun je heel precies uitwerken welke kleuren terugkomen bij de basis, de meubelen en de accessoires.

Als je dit hebt gedaan is het tijd voor stap 2. Die volgt later.

PS: de foto komt van het Perscentrum Wonen en laat zien dat neutraal absoluut niet saai en futloos hoeft te zijn.